Drukregistratievoorziening op spuitmachines bij neerwaarts spuiten

fedecom

De staatssecretaris van I en W heeft op 14 januari jl. haar brief naar de Tweede Kamer gezonden over hoe vanaf 1 januari 2019 om te gaan met de drukregistratievoorziening op spuitmachines bij neerwaarts spuiten.

Daarin wordt o.a. het volgende aangegeven:

• Spuitdoppen die driftarm zijn bij een spuitdruk tot 2 bar worden niet meer in de lijst met ‘driftreducerende doppen’ vermeld omdat het niet aannemelijk is dat deze in de landbouwpraktijk bij de juiste spuitdruk gebruikt worden.

• Voor spuitdoppen die driftarm zijn bij een spuitdruk van 2 tot 3 bar, en voor ‘luchtvloeistofmengdoppen’, is een drukregistratievoorziening vereist.

• Voor spuitdoppen die driftarm zijn bij een spuitdruk vanaf 3 bar en voor spuitapparatuur met aanvullende driftreducerende voorziening is geen drukregistratievoorziening vereist omdat deze dan niet of minder doelmatig is.

• Als alternatief voor de drukregistratievoorziening kan bij gebruik van spuitdoppen die driftarm zijn bij een spuitdruk van 2 tot 3 bar, en voor luchtvloeistofmengdoppen, een verdubbeling van de in het Activiteitenbesluit vereiste teeltvrije zone worden toegepast.

Er wordt een handhavingsprotocol opgesteld. Dit voorziet ook in situaties waarin een ondernemer een verplichting tot de aanschaf van een nieuwe landbouwspuit, aanvullende techniek of drukregistratievoorziening aan gaat, maar levering niet in 2019 kan plaatsvinden. Hierbij is afgesproken dat bedrijven die aantoonbaar investeren dit in 2020 kunnen uitvoeren. Onderdeel van het handhavingsprotocol is dat bevoegd gezag ondernemers in 2019 zal wijzen op de nieuwe voorwaarden, indien een in de praktijk aangetroffen landbouwspuit nog niet voldoet aan het vastgestelde kader.

De informatie op de site van de Helpdesk Water wordt aangepast.

De brief is hier te downloaden

Please follow and like us:
RSS