• Veilig werken
 - 26 juni 2026

Wet- en regelgeving rondom Diesel Motor Emissies

Dieselmotoremissie (DME) ontstaat bij de verbranding van dieselolie in motoren. De uitlaatgassen bestaan uit een mengsel van gassen, dampen en roetdeeltjes. Deze emissies kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid en zijn door de wetgever aangemerkt als kankerverwekkend.

Blootstelling aan DME komt voor in uiteenlopende sectoren, waaronder landbouw, groenvoorziening, grondverzet, bouw, transport, logistiek en industrie. Werknemers kunnen worden blootgesteld bij het gebruik van diesel aangedreven voertuigen, machines, aggregaten en andere arbeidsmiddelen.

Omdat DME als kankerverwekkend proces is aangemerkt, gelden hiervoor aanvullende verplichtingen vanuit de Arbeidsomstandighedenwetgeving.

Nederlandse wetgeving

De regels voor het werken met dieselmotoremissies zijn opgenomen in de Arbowet, het Arbobesluit en de Arbeidsomstandighedenregeling.

Werkgevers zijn verplicht om de risico’s van blootstelling aan DME op te nemen in de Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E). Daarbij moet worden beoordeeld:

  • waar blootstelling aan DME voorkomt;
  • welke werknemers worden blootgesteld;
  • hoe hoog de blootstelling is;
  • welke maatregelen nodig zijn om de blootstelling te voorkomen of te beperken.

Omdat DME is aangemerkt als een kankerverwekkend proces gelden strengere eisen dan bij veel andere gevaarlijke stoffen. De werkgever moet aantonen dat blootstelling zoveel mogelijk wordt voorkomen en waar dat niet mogelijk is tot een zo laag mogelijk niveau wordt teruggebracht.

Arbeidshygiënische strategie

Bij blootstelling aan DME moet de werkgever de arbeidshygiënische strategie toepassen. Dit betekent dat maatregelen volgens een vaste volgorde moeten worden genomen.

1. Vervanging

Allereerst moet worden onderzocht of de dieselmotor kan worden vervangen door een minder schadelijk alternatief, bijvoorbeeld:

  • elektrische machines;
  • accu-aangedreven gereedschappen;
  • waterstof- of andere emissiearme aandrijvingen.

Wanneer vervanging technisch mogelijk is, moet deze worden toegepast.

2. Technische maatregelen

Wanneer vervanging niet mogelijk is, moeten technische maatregelen worden genomen, zoals:

  • toepassing van roetfilters;
  • uitlaatgasafzuiging;
  • verbeterde ventilatie;
  • gebruik van schonere motoren.

3. Organisatorische maatregelen

Indien technische maatregelen onvoldoende zijn:

  • beperken van aanwezigheid van werknemers nabij de bron;
  • aanpassen van werkmethoden;
  • beperken van draaiuren van dieselmotoren.

4. Persoonlijke beschermingsmiddelen

Pas wanneer voorgaande maatregelen onvoldoende bescherming bieden mogen persoonlijke beschermingsmiddelen worden ingezet, zoals geschikte adembescherming.

Toezicht en handhaving

De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert actief op blootstelling aan dieselmotoremissie.

Tijdens inspecties wordt onder andere gekeken naar:

  • aanwezigheid van dieselmotoren;
  • RI&E en plan van aanpak;
  • onderbouwing van vervanging of behoud van dieselmachines;
  • technische maatregelen zoals roetfilters;
  • ventilatievoorzieningen;
  • voorlichting en instructie aan werknemers.

Wanneer onvoldoende maatregelen zijn genomen kan de Arbeidsinspectie handhavend optreden, bijvoorbeeld door het opleggen van waarschuwingen, eisen of boetes.

Relevante bronnen

Meer informatie: