• Gewasbescherming
 - 13 april 2026

Autonome machines

Kansen voor precisie, duurzaamheid en arbeidsbesparing

Binnen onze sector worden steeds meer (semi)autonome machines en systemen ontwikkeld. Een logische volgende stap die volop kansen biedt: in de verduurzaming van gewasbescherming, efficiënt middelengebruik én arbeidsbesparing. Tegelijkertijd speelt de regelgeving een bepalende rol; wat mag er wel en niet? Wij nemen je mee in onze visie op autonome machines, en de kansen en uitdagingen die daarbij horen.

Denk aan autonome veldspuiten, spotsprayers, cameragestuurde onkruidbestrijding en robots voor plaatsspecifieke toepassingen. Met deze technieken dien je gewasbeschermingsmiddelen alleen toe waar dat nodig is. Zo verminder je middelengebruik, drift en emissies, en bespaar je tegelijk arbeid. Een belangrijk voordeel in een sector die steeds vaker te maken heeft met arbeidskrapte.

Wat zegt de regelgeving?

Autonome machines voor gewasbescherming passen wat ons betreft binnen het bestaande Europese wettelijke kader voor machineveiligheid. Dit omdat de regelgeving technologieneutraal en risicogebaseerd is. Dat wil zeggen dat niet de autonome functie, maar de risico’s centraal staan: heeft de fabrikant deze voldoende beoordeeld en beheerst? Wel vragen autonome systemen extra aandacht voor softwareveiligheid, cybersecurity, sensoren, foutdetectie en veilige stopfuncties.

De volgende regelgeving is hierbij vooral relevant:

Driftreductie blijft uitgangspunt

Binnen ditzelfde kader veranderen autonome functies niets aan de eisen voor driftreductie en emissiebeperking. Ook autonome spuitmachines moeten voldoen aan het Besluit activiteiten leefomgeving (BAL), het Wettelijk Gebruiksvoorschrift (WG) van het gewasbeschermingsmiddel en de bestaande systematiek van Drift Reducerende Technieken (DRT).

Voor ons staat vast dat nieuwe autonome systemen worden beoordeeld binnen de bestaande DRT-systematiek. Vraagt een innovatieve techniek om een nieuwe beoordeling, dan kan dat via de Technische Commissie Techniekbeoordeling (TCT). Past de techniek, dan komt die op de DRT-lijst.

Kans: van middelengericht naar prestatiegericht

Autonome machines sluiten aan bij een bredere ontwikkeling in de gewasbescherming: de verschuiving van een middelgerichte naar een meer prestatiegerichte benadering. Niet alleen het middel bepaalt het uiteindelijke risico voor mens en milieu, maar ook de manier waarop je het toepast.

Wij zien daarom kansen om innovatieve technieken nadrukkelijker mee te nemen in risicobeoordelingen en gebruiksvoorwaarden. Leidt een techniek aantoonbaar tot minder emissies, minder drift, minder blootstelling en minder middelengebruik, dan zou die prestatie ook moeten meewegen in het toelatings- en beoordelingsproces.

Onze inzet: innovatie en veiligheid gaan samen

Veiligheid, betrouwbaarheid en naleving van wet- en regelgeving moeten bij autonome machines altijd gewaarborgd blijven. Wij ondersteunen daarom een aanpak waarbij autonome machines worden beoordeeld op hun prestaties en hun bijdrage aan veilig en duurzaam gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Zo groeien autonome systemen uit tot een belangrijke bouwsteen voor de toekomst van de gewasbescherming.